Posts tonen met het label amateurtoneel. Alle posts tonen
Posts tonen met het label amateurtoneel. Alle posts tonen

27 december 2015

Ik ben verhuisd

Het heeft even wat voeten in de aarde gehad, maar nu heb ik mijn blog toch verhuisd, en wel naar mijn eigen domein: http://alimolenaar.nl/stukjes/

Vanaf vandaag publiceer ik alleen nog daar.

12 oktober 2015

Uitgebreide hobby*

Maandag na een drukke week, vrije dag en natuurlijk snipverkouden. Natuurlijk omdat ik de afgelopen week met mijn geliefde hobby heb doorgebracht, namelijk toneel. Van de twaalf die op het toneel rondliepen waren er vier verkouden, was er één net verkouden geweest (moi) en liep de rest behoorlijk kans verkouden te worden.

Toneel is een tijdrovende hobby, je kan er de hele week mee bezig zijn. Naast repetities moet er ook aan het decor gewerkt worden, moeten er kostuums geregeld/gemaakt worden en mag er ook wat aan de PR gedaan worden. Bij een amateurtoneelgroep komt dat allemaal op de schouders van de leden van de vereniging. Ook bij mijn toneelgroep Inter Nos, waar ik met een onderbreking al 23 jaar lid van ben. Afgelopen weekend hebben we onze jaarlijkse voorstelling gehad, een speciaal stuk voor het zestigjarig jubileum van de groep. We speelden ‘De anti-acteer show’ van Michael Green. Vier aparte scènes van ongeveer twintig minuten elk, een thriller, een opera, een stukje volkstoneel en een Shakespeare. Vanaf december aan gewerkt en nu in drie dagen achter de rug. We zijn allemaal aan het afkicken. En dat mag niet te lang duren, want in het voorjaar willen we weer een voorstelling op de planken brengen.

Voordat we zo ver waren, moest er eerst veel decor gebouwd worden, werd een complete naaiploeg opgetrommeld en zaten we met zijn vijven om de tafel om te kijken hoe we de PR gingen doen. Oh, en repeteren hebben we ook gedaan. Elke woensdag en ook enkele zondagen in de repetitieruimte in het wijkcentrum, waar we ook hebben gespeeld.

Rekwisieten moesten er ook komen. De regisseur vroeg me ergens in december of ik kon breien, wat een wat merkwaardige vraag is in een toneelvereniging, maar het kwam wel ergens vandaan. Hij wilde namelijk dat ik in mijn glansrol als kamenierster in de opera niet alleen zou zingen, maar ook zou breien. Ik vroeg hem toen wat ik dan moest breien. Ja, dat gaf niet, het moest lang zijn en het gaf niet als het lelijk was. Ik ben gaan breien, heb aan iedereen wol gevraagd en kreeg die ook in alle kleuren en soorten. Grote stappen snel thuis, dus met naalden nr. 7 en wol voor naalden nr. 4 schoot het aardig op. Na een paar weken deed het geheel – toen al zo’n 60 cm – pijn aan ieders ogen. Dit weekend tijdens de voorstelling heb ik ook gebreid, en dat heeft voor wat gaten gezorgd, want hier en daar heb ik wel een steekje laten vallen, gelukkig niet in mijn tekst.

De grootste vraag wordt wel wat ik er nu mee ga doen. Het is lang, zie de foto: twee en een halve meter breisel. Lang genoeg voor een sjaal, maar heel eerlijk, ook gewoon lelijk. Dat wordt een leuke advertentie bij Marktplaats: in de aanbieding, breisel van ongeveer twee en een halve meter, maar drie keer gebruikt tijdens een toneelvoorsteling. Voor alle doelen bruikbaar, sjaal, wikkelbaar vest of deken voor een heel smal persoon.

*ja, ik heb er al eerder over geschreven in het kader van de wekelijkse WOT 

11 september 2015

#WOT deel 37: hobby

Een bijzonder leuke #WOT deze week, namelijk hobby. En net als @drspee zit ik met: waar moet ik beginnen?
Ik lees graag, schrijf, doe aan sport. Mijn werk als informatiespecialist is ook mijn hobby. Ik ben gek op musicals en doe niets liever dan ernaar luisteren en ze bezoeken. Ik ben zeven keer bij Aïda geweest.

Maar de hobby met de meeste impact is wel toneel. In 1992 vroeg een vriendin me of ik misschien regieassistente wilde worden bij haar toneelvereniging.
Dat wilde ik wel. Het duurde niet zo lang of ik ging ook spelen. Mijn eerste rol? Een hoerenmadam in ‘Alles voor de tuin’ van Alan Ayckbourn. Sindsdien heb ik van alles gespeeld, dienstmeisjes, secretaresses en excentrieke oude dames (die leeftijd heb ik nu).
Toneel is een veel tijd eisende hobby, want je bent niet alleen bezig op die ene repetitieavond in de week, maar ook op andere avonden, die tekst moet bijvoorbeeld in je hoofd gestampt worden. Verder moet er decor gebouwd worden, moeten de rekwisieten geregeld worden – mijn halve huisraad is al eens op toneel geweest – en zijn er nog veel meer dingen die moeten gebeuren. De voorstellingsweek is helemaal leuk, want dan kan je net zo goed een kampeerbedje neerzetten in het theater. Vanaf maandagavond repeteren in de zaal, donderdagavond bij sommige groepen al première, zondagmiddag de laatste voorstelling, zondagavond uit eten met zijn allen, en maandagochtend met zijn allen bij het grof vuil, want dan heb ik het echt wel gehad.
En toch… is het leuk, is het repeteren fijn, is zelfs het leren fijn en genieten we van het resultaat. Ons publiek wordt blij van ons.

Het Haagse amateurtoneel was vroeger zo gelukkig dat het een eigen zaal had, maar die is jaren geleden al gesloten en de groepen zijn verspreid over de stad.
Mijn eigen groep Inter Nos repeteert en speelt in een buurthuis en voor ons is het ook bijna zover. En dit is dus het moment dat ik mijn eigen voorstelling schaamteloos ga pluggen. Voor iedereen die 9, 10 of 11 oktober a.s. in de buurt van Den Haag is, we spelen ‘De anti-acteer show’ van Michael Green. En degenen die me niet kennen zijn gewaarschuwd: ik ga zingen.


#WOT: betekent Write on Thursday. Iedere donderdag verschijnt er een woord waarover je iets kunt schrijven, vloggen of ploggen.
Het woord van deze week: http://www.drspee.nl/wot-deel-37-hobby/


13 oktober 2013

Geschiedenis van het Haagse amateurtoneel

Wat een verhaal op een blog al niet te weeg kan brengen. Op 18 augustus 2009 schreef ik een artikel over de Haagse Canon en de toneelcompetitie op mijn blog dat ook in het augustusnummer van Haghespel werd gepubliceerd. Dat artikel werd in 2013 gelezen door Frans van Rooij, die voor het Haags Gemeentearchief een website beheert over Haagse ontspannings-, sport- en muziekverenigingen. Hierin wordt geprobeerd de geschiedenis van de verenigingen te geven, een overzicht van documentatiemateriaal en zo veel mogelijk fotomateriaal te tonen.
Er zijn zo'n 450 Haagse amateurtoneelverenigingen geïdentificeerd, maar slechts van zes verenigingen heeft het archief ook groepsfoto's in de collecties: Campanula, Eendracht en Vriendschap, Haags Jeugdtheater, Ons Doel, St Agnes en Visie. Van de laatste groep vrij veel.
En daar komt natuurlijk de grote vraag. Het Gemeentearchief wil graag weten of er fotocollecties bestaan met betrekking tot de Haagse toneelverenigingen en of verenigingen bereid zouden (scans van) fotomateriaal aan het Gemeentearchief beschikbaar te stellen.

Op de website www.haagseverenigingen.nl is te zien welke verenigingen allemaal in het archief zitten. Filter hier op categorie ‘toneel’ en er komen 447 resultaten tevoorschijn van Haagse toneelverenigingen.
Ook op Facebook is het Gemeentearchief actief.

Bijdragen voor de website kunnen opgestuurd worden naar Haags Gemeentearchief, Antwoordnummer 1011, 2506 WB Den Haag
Goede scans van de foto's (tenminste 300 dpi) kunnen naar E‑mailadres: haagseverenigingen@denhaag.nl gestuurd worden.
Voor nadere inlichtingen kunt u bellen met Frans van Rooijen, 070-3537019 of 3537013

9 november 2012

Theater in romans: resultaat van zes jaar verzamelen

Op 1 juni 2006 begon ik ermee: "Nieuw projectje. Ik ga een artikel schrijven over toneel en romans. Wat voor voorstelling wordt er gemaakt van toneel, theater, etc. in romans en verhalen."

Het was voor Haghespel in elk nummer zou ik één of twee boeken bespreken. De praktijk was dat het vulling werd voor de niet zo volle nummers en dat er dus wel eens nummers werden overgeslagen door de grote hoeveelheid recensies. Wat ik niet had voorzien was dat de lijst wel erg lang zou worden. Ruim zes jaar later ben ik er nog steeds mee bezig. Ik kom van alles tegen, prachtige boeken die ik nooit tegen zou zijn gekomen zonder dit project, maar ook boeken die ik na een hoofdstuk heb weggelegd en dan is internet een geweldige bron voor samenvattingen. Elke keer als ik denk, het is nu wel op, komen er weer nieuwe boeken uit. Daar komt bij dat ik het onderwerp iets heb uitgebreid: films in romans vallen er nu ook onder. Hieronder de lange, lange lijst. Het zijn ongeveer 250 boeken. De boeken met sterretjes zijn de boeken die ik op dit blog en in Haghespel heb besproken. Overigens zijn tips nog altijd welkom.
A.C. Crispin with Deborah Marshall* - Serpent's gift (Starbridge; book 4) (New York: Ace Books, 1992)
A.S. Byatt* – The virgin in the garden (New York: Vintage Books, 1978)
Ad Vervuurt – 130 jaar Schinderhannes in Roermond, 1865–1995 (1995)
Adriana Trigiani* – Lucia, Lucia (New York: Random House, 2003)
Alan Ford - Thin ice (London: Weidenfeld & Nicolson, 2006)
Alan Gordon – Thirteenth night (1999)
Alan Gratz - Something Rotten
Alison Lurie* - Foreign affairs (1984)
Amanda Ooms - Noodzaak (Amsterdam: Prometheus, 1993) (Vert. van: Nödvändighet)
Angela Carter - Wise Children
Anne Cuneo - Objets de splendeur: Mr. Shakespeare amoureux (Paris: Denoël, 1997)
Anne Hébert – De verboden stad (Le premier jardin) (Paris: Seuil, 1988)
Anne Wiazemsky – Canines (1993)
Anthony Burgess* - A dead man in Deptford (London: Hutchinson, 1993)
Aphra Behn - Oroonoko, The rover, and other works
Arjen Lubach* – Magnus (Amsterdam: Uitgeverij Podium, 2011)
Arnon Grunberg* - Figuranten (Amsterdam: Singel Pocket, 2002
Arthur Japin* - De klank van sneeuw: twee novellen (Amsterdam [etc.]: De Arbeiderspers, 2006)
Arthur Nersenian – Unlubricated (HarperCollins, 2004)
Barbara Taylor Bradford – Angel* (New York: Ballantine Books, 1993), The triumph of Katie Byrne* (New York: Doubleday, 2001)
Barry Unsworth* – Zinnespel (Morality play, 1995)
Belinda Alexandra* - Wild lavender (London: HarperCollins, 2006)
Bep Otten - De open plaats (Amsterdam: Nederlandsche Keurboekerij, 1944)
Beryl Bainbridge* - Een ongelooflijk groot avontuur (An awfully big adventure) (Den Haag BZZToh, 1991)
Bevan Amberhill – The bloody man: a Jean-Claude Keyes Mystery (Mercury Press, 1993)
Boris Starling* – Storm (Amsterdam: *Mpact, 2001)
Bruce Jay Friedman – Violencia!: a musical novel (Grove/Atlantic, 2001)
Bryher – The player’s boy (Consortium, 2006, 1953)
Carla de Jong – Outcast (2010)
Carla de Jong* – Outcast (Amsterdam: Arbeiderspers, 2010)
Carol Goodman* – The sonnet lover (London: Piatkus, 2007)
Caroline B. Cooney - Enter Three Witches
Carolyn Haines – Ham bones (Kensington, 2008)
Caryl Brahms - No Bed for Bacon
Cas van Dijk* - Het scherm gaat op (Amsterdam: Van Holkema & Warendorff, [1939])
Catherine Cookson* – Riley (Amsterdam: De Boekerij, 2003)
Christopher Bram – Lives of the circus animals (HarperCollins, 2004)
Christopher Frank - Josepha: roman (Paris: Seuil, 1979)
Christopher Moore – Fool (2009)
Christopher Whyte* – The cloud machinery (2000)
Damian Lanigan - The chancers (London: HarperCollins, 2003)
Dan Simmons – Ilium; Olympos
Daphne Meijer – Het plezier van de duivel (1995)
David Huggins - Me me me (London: Faber and Faber, 2001)
David Nicholls* – The understudy (2005)
Dexter Dale – Death in the theatre (1935)
Dick Francis* – Wild horses (1994)
Dimitri Frenkel Frank – Een vrouw uit de provincie (1987), Hamlet's whisky (Amsterdam: Manteau, 1984)
Dirk Verbruggen – De liefdeseter (1993)
Dolf de Vries* - Laat me maar (Amsterdam: Leopold, 1993)
Don Duyns* - Buigen (Amsterdam: Contact, 2007)
Doris Lessing* – Terug naar de liefde (Love, again, 1995)
Doris Maye Heffner – Destiny’s detour (Buy Books on the Web.com, 2006)
Ed Macbain* – Het doek valt (The last dance) (Weert: Van Buuren, 2000)
Eduard Veterman – Naakte maskers: tooneel–roman (1926)
Edward Marston – The amoureus nightingale* (2001), The Queen's Head; The Merry Devils; The Trip to Jerusalem; The Nine Giants; The Mad Courtesan; The Silent Woman; The Roaring Boy; The Laughing Hangman; The Fair Maid of Bohemia; The Wanton Angel; The Devil's Apprentice; The Bawdy Basket; The Vagabond Clown; The Counterfeit Crank; The Malevolent Comedy; The Princess of Denmark; The king’s evil (2000)
Edzard Mik* - Bleke hemel (Amsterdam: Contact, 2007)
Eleanor Catton* – De repetitie (The rehearsal) (Amsterdam: Anthos, 2009)
Elena Stancanelli – Le attrici (2001)
Elise Broach - Shakespeare's Secret
Elizabeth Bear - Hell and Earth, Ink and Steel
Ellen Hart – Stage fright (Minotaur Books, 2004)
Ellen Shanman – Right before your eyes (Bantam Books, 2007)
Emily Prager - Clea en Zeus divorce (New York: Vintage Books, 1987)
Eric Ambler – Judgment on Deltchev (Random House, 2002, reprint)
F.J. Degenhardt – Der Liedermacher: Roman (1982)
Faye Kellerman - The Quality of Mercy
Fernando de Rojas - The Celestina; a novel in dialogue (1959)
Francesca Delbanco – Ask me anything (Norton, 2005)
Francine Prose – Glorious Ones (HarperCollins, 2007)
Francoise Sagan - Het onopgemaakte bed (vert. van Le lit défait) (Amsterdam: De Boekerij, 1987)
François–Olivier Rousseau – L'heure de gloire (1995)
Gary D. Schmidt - The Wednesday Wars
Gaston Leroux – The phantom of the Opera
George Garrett – Entered from the sun: the murder of Marlowe
Georges Coulonges - Un comédien dans un jeu de quilles : roman (Paris: Grasset, 1987)
Georges Simenon - De groene luiken (vert. van: Les volets verts) (Utrecht: Bruna, 1956)
Ger Thijs – Een sterke afgang (2002)
Ger Thijs - Grote gevoelens of: Mijn leven in de kunst (Amsterdam: De Harmonie, 1985), Het openluchttheater van Oklahoma (1993), Een sterke afgang (2002)
Gerrit Wassing – Alkestis in Brantgum : een verhaal (2000)
Glenn Ickler – Stage fright (SterlingHouse, 2005)
Grace Tiffany - My father had a daughter: Judith Shakespeare's Tale; Will
Guido Van Heulendonk* - Paarden zijn ook varkens (Amsterdam: De Arbeiderspers, 1995)
Gustav Herling* – Een witte nacht van liefde: theatrale roman (2001)
H. Mel Malton – Cue the dead guy: a Polly Deacon Murder Mystery (Napoleon, 2004)
Halina Reijn* – Prinsesje nooitgenoeg (Amsterdam: Prometheus, 2005)
Harry Mulisch – Het theater de brief en de waarheid: een tegenspraak* (2000), Hoogste tijd* (1985)
Harry Turtledove* - Ruled Britannia (New York: Great American Library, 2004)
Heinrich Mann – Professor Unrat (1981)
Helen Dore Boylston* - Carol Plays Summer Stock (1942), Carol Goes On the Stage (1943), Carol Goes Backstage (1944), Carol On Broadway (1944), Carol On Tour (1948)
Herman Koch* – Zomerhuis met zwembad (Amsterdam: Anthos, 2011)
Herman Pieter de Boer* – De artiestenuitgang (1987)
Inez van Dullemen* – Het gevorkte beest (1986)
Iris Johansen – An unexpected song (Bantam Books, 2006)
Iris Murdoch* - The sea, the sea (1978)
Ishmael Reed – Reckless Eyeballing (Dalkey Archive Pres, 2000)
J. Bernlef* [… et al.]: 15 theaterverhalen (1989)
J.B. Cheaney - The playmaker
J.B. Priestley – Lost empires : being Richard Herncastle's account of his life on the variety stage from November 1913 to August 1914 (1965)
J.L. Carroll – The Shakespeare secret* (2007) - The Shakespeare curse* (New York: Plume, 2010)
Jack McDevitt* - Time travelers never die (New York: Ace Books, 2010)
Jan de Rooij - Bouillabaisse (Baarn: De Prom, 1986)
Jan van der Mast* – Mijn Hamlet! (2005)
Jane Smiley* - A thousand acres (London: Flamingo, 1992)
Jasper Fforde* - Something rotten (London: New English Library, 2004)
Jeanne van Schaik–Willing – Na afloop: dramatische kronieken (1957)
Jean–Pierre Énard – Le voyage des comédiens (1981)
Jerome Charyn – The green lantern: a romance of Stalinist Russia (Da Capo Press, 2005)
Jess Winfield - My name is Will: a novel of sex, drugs, and Shakespeare
Jill McGown – Scene of crime (Random House, 2002)
Joe Orton - Head to toe
Johan Fabricius – Goldoni, herinneringen van een oude pruik, vrij – zeer vrij – naar de 'Memorie' (1963)
Johann Wolfgang von Goethe – Wilhelm Meisters theatralische Sendung (1795/96); Wilhelm Meister’s apprenticeship (Princeton University Press, 2005, reissue)
John Banville - Eclipse (London: Picador, 2000)
John Varley - The golden globe (1999)
Jonathan Ames* – De figurant (The extra man)(Amsterdam: Prometheus, 1998)
Josephine Tey* - The daughter of time (1951) (Alan Grant mysteries; 4)
Jude Morgan* – Symphony (2006)
Judith McNaught* – Verscheurd door het verleden (Perfect, 1994), Fatale nacht (Someone to watch over me, 2003)
Judith Michael - Acts of love (New York: Crown, 1997)
Karen Harper* – Mistress Shakespeare (New York: Putnam, 2009)
Kate Thompson – Een lange hete zomer (It means mischief, 1998)
Katharine Kerr [et al.] - Weird Tales from Shakespeare
Kathleen Winsor – Calais. Op vleugels van een droom (Calais, 1979)
Kay Nolte Smith – Catching fire (1982), Venetian Song* (1994)
Kazimierz Brandys – Rondo (1991)
Keith McDermott – Acqua Calda (Westview Press, 2006)
Kirill Gradov - Aan de grond (Amsterdam: Bakker, 1986) (Vert. van: Tsjelovele... zvoetsjt gordo!)
Klaus Mann – Mephisto, Roman einer Karriere (1936)
Kurt Ziesel – Der Preis des Ruhms: Roman einer Schauspielerin (1989)
Laura Resnick* – Vamparazzi (New York: Daw Books, 2012)
Laurens Spoor* – Personen, personages: roman (Amsterdam: Van Gennep, 1996)
Leni Saris* - Wereld in droom (Westfriesland, 1963), Mijn leven, ons leven (Westfriesland, 1972)
Leo Beyers – De wind komt niet uit de bomen (1984)
Leon de Winter* - De hemel van Hollywood (Amsterdam: De Bezige Bij, 1997)
Leonard Beuger – Rood haar (1995)
Lesley Cookman – Murder in Steeple Martin (Accent Press, 2006)
Leslie Silbert* – De verspieder (The intelligencer) (Amsterdam: De Bezige Bij, 2004)
Lilian Lee - Afscheid van mijn minnares (Farewell to my concubine) (Houten: Van Holkema & Warendorf, 1993)
Linda Chapman - Schitteren als een ster (Bright lights) (Aartselaar: Deltas, 2004)
Linda Fairstein* – Death dance (2006)
Lindsey Davis - Last act in Palmyra (1996) (Marcus Didius Falco; 6)
Lisa Klein - Ophelia
Lisa Kleypas – Because you’re mine (Avon, 1997)
Lou Steenbergen – Koen : de jongen die niet zo nodig moest (1984)
Louis Couperus – De komedianten* (Rotterdam: Nijgh & Van Ditmar, 1917); Eline Vere
Louis Saalborn – De vader en de zoon : roman (1934)
Louise Shaffer – Family acts (Random House, 2007)
Lynn Freed – Home ground (1986)
M.J. Brusse – Achter de coulissen (1903)
Mac Wellman – Q’s Q: an arboreal narrative (Consortium, 2006)
Marc Acito - Attack of the Theater People / *Hoe ik mijn collegegeld betaalde: een roman over seks, diefstal, vriendschap en musicals (Amsterdam: Contact, 2006) (How I paid for college : a novel of sex, theft, friendship & musicals' (2004))
Margaret Drabble* – The Garrick Year (1983)
Margaret Dumans – How to succeed in murder (Poisoned Pen Press, 2006)
Margaret Frazer – A play of Dux Moraud (Penguin, 2005); A play of lords (Penguin, 2007); A play of knaves; A play of Isaac (Joliffe mystery series)
Maria van der Moer – Een gebroken schommeltouw (1982)
Mary Renault - The mask of Apollo
Mats Berggren - Vals akkoord (Amsterdam: Elzenga, 1990) (Vert. van: Örent accord)
Matthias Biskupek – Eine moralische Anstalt : Roman mit richtigen Requisiten, letzten Vorhängen und Theaterblut (Berlin: Eulenspiegel, 1997)
Michael Craft – Desert Spring: a Claire Gray mystery (Gale, 2004)
Michael Korda – Het rode doek (Curtain : a novel, 1991)
Michael Malone – The delectable mountains: or, entertaining strangers (Sourcebooks, 1992); Foolscap: or, the stages of love (Sourcebooks, 2002)
Michael Merschmeier – Berliner Blut: Roman (1997)
Michael Paine – Stage fright (Penguin, 2006)
Michail Boelgakov – Het leven van de heer Molière (1973) / Zwarte sneeuw* (Black snow: a theatrical novel) (1999)
Miguel Cervantes – Don Quichot
Nachoem M. Wijnberg* – De opvolging (2005)
Ned Sherrin - Scratch an actor (London: Sinclair-Stevenson, 1996)
Neil Gaiman - The Sandman, Volume 3: Dream Country / The Sandman, Volume 10: The Wake
Ngaio Marsh - Enter a murderer (1935) (Roderick Alleyn; 2) / Final curtain* (Laatste scène) (1947) (Roderick Alleyn; 14) / Opening night (Roderick Alleyn; 16) / Death at the Dolphin (Roderick Alleyn; 24) / Light thickens (1982) (Roderick Alleyn; 32) / Photofinish* (1980)
Nicola Upson* – An expert in murder (Josephine Tey mysteries series) (HarperCollins, 2009)
Niko Bovenberg* – Werklicht: de avonturen van toneelknecht Kees (2002)
Olle Mattson - De trommel en de kruidenmand: Een zweedse schrijver
Ottavio Cappellani – Sicilian tragedy (Picador, 2008)
P.D. James* - The skull beneath the skin (1982) (Cordelia Gray mysteries; 2)
P.G. Wodehouse – The little warrior (1st World Library, 2006, ook verschenen als Jill the Reckless)
Pamela Koevoets – Bazen en slaven: een zwarte komedie (1991)
Pamela Rafael Berkman - Her infinite variety: stories of Shakespeare and the women
Paola Capriolo - De vrouw in de loge: roman (Vert. van: La spettatrice) (Amsterdam: Meulenhoff, 1997)
Pascal Lainé - De twijfelaarster (Breda: De Geus, 1994) (Vert. van: L'incertaine)
Paul Fournel - Un homme regarde une femme: roman (Paris: Seuil, 1994)
Paul Scarron – Wanfortuin der komedianten (Le roman comique, 1651-1657)
Pavlos Mátesis - De moeder van de hond (Amsterdam: Bakker, 1997) (Vert. van: I mitéra tou skýlou)
Penelope Fitzgerald - At Freddie's (1982)
Peter Ackroyd* - The Lambs of London (London: Chatto & Windus, 2004)
Peter Römer* – Chantage (Amsterdam: De Fontein, 2012)
Philip Gooden – Sleep of death* (London: Robinson, 2000), Death of Kings (2001); The Pale Companion* (2002); Alms for Oblivion (2003); Mask of Night (2004); An Honourable Murder (2005); The Salisbury Manuscript (2008)
Philip Roth* – The Humbling (London: Cape, 2009)
Poul Anderson - A Midsummer Tempest
R.T. Jordan – Final curtain (Kensington, 2009)
Rachel Cline – What to keep (Random House, 2005)
Rebecca West - Sunflower (London: Virago, 1986: onvoltooide, in de jaren twintig geschreven roman)
Richard Armour - Twisted Tales from Shakespeare
Rien Broere* – De voorstelling (1998)
Rob van Reijn – Voetlicht & vetpotten : roman over Jan van Well in en om de schouwburg : een kroniek van Amsterdam 1772– 1818 (2000)
Robert Anker* – Een soort Engeland (Amsterdam: Querido, 2001)
Robert Kaplow* – Me and Orson Welles (Penguin, 2005)
Robert Nye - Mrs. Shakespeare: The Complete Works, The Late Mr. Shakespeare* (London: Chatto & Windus, 1998)
Roberto Quesada - Big Banana (Barcelona: Seix Barral, 2000)
Robertson Davies - The Salterton trilogy / Tempest–tost (1991)
Ronald Giphart* – Gala (boekenweekgeschenk, 2003)
Sarah A. Hoyt - All Night Awake, Any Man So Daring, Ill Met by Moonlight
Sarah Grazebrook – Foreign parts (1999)
Sarah Schulman - Girls, visions, and everything
Sarah Smith - Chasing Shakespeares
Seth Rudetsky - Broadway Nights: A Romp of Life, Love, and Musical Theatre
Shirley Conran - The revenge of Mimi Quinn (London: Macmillan, 1998)
Sholem Aleichem – Wandering Stars (Penguin, 2009)
Simon Hawke - A mystery of errors (2000) / The slaying of the Shrew (2001) / Much ado about murder (2002) / The merchant of vengeance* (2003)
Simone de Beauvoir – Uitgenodigd (L'invitée, 1943)
Stephanie Lehmann – Thoughts while having sex (Kensington, 2003)
Steven Philip Jones – King of Harlem
Stewart Lewis – Relative Stranger (Alyson publications, 2008)
Sue Frost – Verander de tijd (Redeem the time, 1997)
Susan Elisabeth Phillips – What I did for love (Morrow, 2009)
Susan Sontag* – In Amerika (In America, 2001)
Suzanne Harper - The Juliet Club
Suzanne Selfors - Saving Juliet
Tad Williams* - Caliban's wraak (Amsterdam: Luitingh-Sijthoff, 1995) (Caliban's Hour)
Tamara McKinley* - Droomvlucht (Dreamscapes) (Baarn: De Kern, 2007)
Terry Pratchett – Wyrd sisters* (1988) (Discworld; 6), Lords and Ladies (1992) (Discworld; 14), Maskerade* (1995) (Discworld; 18)
Tessa de Loo* – Rookoffer (1987)
Theun de Vries – Baron. De wonderbaarlijke Michel Baron, zijn leermeester Molière en de praalzieke zonnekoning (1987)
Thomas Keneally – The playmaker (Touchstone, 1993)
Threes Anna – De kus van de weduwe (2003) (online te vinden op http://www.threesanna.com/nl/)
Timothy Findley* - Spadework: a novel (New York: HarperCollins, 2002)
Trudi Pacter - Wild child (New York: Pocket Books, 1996)
Ulla Berkéwicz - Adam (Frankfurt am Main: Suhrkamp, 1987)
Utta Danella – Liefde in de hoofdrol (Unter dem Zauberdach, 1976)
Virginia Tracy – Merely players: stories of stage life (1909)
Virginia Woolf* - Between the acts (London: Hogarth Press, 1970)
W. Somerset Maugham – Theatre (1937)
Wilfrid Sheed – Max Jamison: a novel (1986)
Willem Brakman* – De biograaf (1983)
Willem van Zadelhof* - Vuur stelen (Amsterdam: Meulenhoff, 2008)
Willy Corsari – Nummers: roman uit het cabaretleven (1932)

27 september 2009

Boris Starling - Storm (Amsterdam: *Mpact, 2001)

Storm is het tweede deel uit een serie thrillers, geschreven door Boris Starling, een Britse schrijver. 'Messiah' was het eerste deel waar inspecteur Kate Beauchamp een rol speelde. In deze roman is ze verhuisd naar Aberdeen met haar zoontje Leo. Hier is ze lid geworden van een amateurtoneelvereniging die een reis maakt naar Noorwegen om daar een serie voorstellingen te doen. Op de terugweg lijdt de veerboot Amphitrite waarop het gezelschap reist, schipbreuk. Kate overleeft de ramp samen met diverse leden van de groep.
Terug in Aberdeen gaat ze meteen weer aan het werk en krijgt de leiding van een moordonderzoek, een jonge vrouw is op gruwelijke wijze vermoord. Twee dagen later wordt een volgende vrouw op dezelfde wijze vermoord. Op hun lichamen is een levende adder vastgebonden. De moordenaar wordt door de politie Blackadder genoemd.
Haar vader Frank met wie ze al jaren geen contact had, is de leider van het onderzoek naar de ramp van de Amphitrite.

Voor iedereen die het boek wil lezen, en dat beveel ik absoluut aan bij deze spannende thriller, laat ik het bij deze korte bespreking.
De toneelconnectie is flinterdun met Kate's lidmaatschap van een toneelvereniging die maar even wordt genoemd, maar het feit dat een amateurtoneelvereniging een rol speelt in een thriller is te leuk om te laten lopen.

18 augustus 2009

De Haagse canon: de toneelcompetitie

In het vorige nummer van 'Haghespel' kon u de aanzet voor de Haagse canon lezen. In dit nummer de toneelcompetitie.
Tegenwoordig hebben we de HvA toneelcompetitie, maar deze heeft heel wat voorgangers gekend, niet alleen als competitie, maar ook belangenvereniging voor het Haagse amateurtoneel.

In 1946 werd de eerste toneelcompetitie georganiseerd en wel door de Haagse Amateur Toneel Organisatie (HATO) die in datzelfde jaar was opgericht.
De Combinatie Haagse Amateur Toneelverenigingen (CHAT) werd in 1948 opgericht en was een afscheiding van de HATO. Wedstrijdbeoordelingen zouden hieraan ten grondslag hebben gelegen.
De Federatie Haags Amateurtoneel (FHAT) werd in 1967 opgericht als overkoepelende organisatie voor het amateurtoneel in Den Haag.
Landelijk had je de Nederlandse Amateur Toneel Unie (NATU) die in 1940 werd opgericht en de Bond van Rooms Katholieke Toneelverenigingen, het Werkverband Katholieke Amateurs (WKA) die in 1946 werd opgericht. Deze twee verenigingen fuseerden in 1967 en werden het Nederlands Centrum voor Amateurtoneel (NCA), in datzelfde jaar ontstond de Haagse afdeling HCA.
Daarom waren er twee competities, namelijk van de CHAT, maar ook van de HCA. De verenigingen deden vaak aan beide competities mee. De juryleden zaten soms in beide jury’s. De competities werden per kalenderjaar gehouden.

In 1993 was er al sprake van samenvoeging van CHAT en HCA, zo bleek uit de toespraak van toenmalig HCA voorzitter Koos Borsboom. De bestuursleden kwamen niet op elkaars feestelijke prijsuitreiking. De CHAT competitie telde twee klasses.

Schak en FHAT werden samengevoegd tot Centrum voor Amateurkunst met ingang van 1 januari 1995.
CHAT en HCA gingen in 1995 samen tot de belangenvereniging Haghespel. In de ‘Haghespel’ van juni 1995 werd een toelichting gegeven op de prijzen van de toneelcompetitie die door het CvA en Haghespel zal worden georganiseerd.
Kennen we ze nog? De 1e prijs Jan Bernard trofee, de 2e prijs het Zilveren Masker, de 3e prijs de Han Driessen trofee. De hoofdrol dames en heren kregen zilveren schalen, de bijrol dames en heren kregen de Tourniaire bekers. De eerste regieprijs was een sculptuur, de 2e regieprijs: Piet Borsboom beker.
De 1e decorprijs was de Ton de Booy trofee, voor een bijzondere prestatie werd de Piet Cornet beker uitgereikt. Prijzen die allemaal waren genoemd naar Hagenaars die bekend zijn uit het amateurtoneel, veelal beschikbaar gesteld door verenigingen of personen.

De CvA-Haghespel toneelcompetitie 2000-2001 was de eerste competitie die een seizoen besloeg in plaats van een kalenderjaar en heeft anderhalf jaar geduurd.
De toneelcompetitie 2002-2003 was de eerste onder de bezielende leiding van Karen-Else Sluizer. Zij zorgde ervoor dat de winnaars een masterclass krijgen aangeboden. De eerste werd door actrice Wil van Kralingen verzorgd. Latere masterclasses waren van Peter Tuinman, Stephan de Walle, Aus Greidanus, Geert de Jong en Peter de Baan.
Het aantal deelnemende verenigingen werd groter. Deze competitie 19, het seizoen erop 23.
In 2005 werd Stichting Culturalis opgericht als opvolger van het Centrum voor Amateurkunst. De toneelcompetitie 2006-2007 zal volledig door HvA worden georganiseerd, Culturalis zal een subsidie verstrekken.
De toneelcompetitie 2006-2007 was het laatste seizoen onder leiding van Karen-Else, die het stokje doorgaf aan Guus Vervaart.
Peter Luiten, voorzitter van HvA, kondigde aan dat het Zilveren Masker (2e verenigingsprijs) voortaan de ‘Karen-Else Sluizer prijs’ zal worden genoemd.

Dit artikel zal in nr. 7 (2009) van Haghespel verschijnen.
Zie ook Haghespel.

26 juli 2009

Het scherm gaat op - Cas van Dijk (Amsterdam: Van Holkema & Warendorf, [1939])

Een prachtige vondst op een zonnige zondagmiddag op de boekenmarkt op het Voorhout in Den Haag. Een jeugdroman over een toneelclub van een HBS die blijft hangen in pret maken. Om te voorkomen dat ze voor gek staan op een schoolavond halen ze hun klasgenoot Rein Brouwer erbij als regisseur. Rein is de zoon van een beeldhouwer, wiens moeder vroeg is overleden. Hij heeft niet veel vrienden. Hij blijkt een gouden greep, zorgt voor een nieuw stuk, zorgt ervoor dat iedereen zijn rol serieus opvat en het stuk voor de schoolavond is een succes.
Daarna gaan ze door met hun club en verzorgen ze met een vereniging een liefdadigheidsavond voor een noodlijdend gezin. De humor komt ook nog om de hoek kijken bij de geïmproviseerde Sinterklaasviering, waarbij drie Sinterklazen met bijbehorende Zwarte Pieten langs komen.
Het boek is opvoedend, want de 16-jarige scholieren zijn altijd verstandig. Hedendaagse puberproblemen zijn ver te zoeken. De romance komt ook om de hoek kijken, want Rein vindt Pauli, één van de meisjes, wel heel erg leuk, maar tot meer dan vriendelijke woordenwisselingen komt het toch niet. Het is erg leuk om te lezen, ook met het ouderwetse taalgebruik.

14 maart 2009

Laat me maar - Dolf de Vries (Amsterdam: Leopold, 1993)

De 18-jarige Boukje herleest haar dagboek dat ze op dertienjarige leeftijd is begonnen. Toen was ze een puber die met haar ouders en haar leven overhoop lag. Nu kan ze er evenwichtiger op terugkijken. Het dagboek is ze begonnen omdat een schrijver die op haar school op bezoek kwam vertelde dat je schrijven moest zien als praten met papier, iets dat ze nodig had met een egocentrische vader en een moeder die wel lief was, maar haar niet volledig begreep. Ze werd zelfs uit huis geplaatst.

We leren veel kennen van Boukje, ook van de passie die ze als dertienjarige ontdekt en waardoor ze haar problemen tijdelijk kon ontvluchten, en dat is toneel. Eerst komt ze in een schoolproductie terecht waar ze haar ei kwijt kan, vervolgens zorgt haar leraar ervoor dat ze bij een amateurtoneelgroep terecht komt, waar ze in 'Ons stadje' van Thornton Wilder speelt. Het belangrijkste voor haar is wel dat ze ineens gewaardeerd wordt. Haar moeder en broer en zus zijn wild enthousiast over haar prestaties. Haar vader vindt het minder, maar het blijkt dat hij jaloers is omdat ze in het middelpunt van belangstelling staat.
Het boek eindigt met haar inschrijving bij een toneelschool.
Voor de doelgroep: pubers tussen de twaalf en de achttien een juweel van een boekje.

15 september 2008

Terug in de tijd - DOSAST (2)

Altijd leuk te merken dat mensen je blog lezen: een lezer stuurde me een reactie dat hij nog een glas in huis heeft dat DOSAST blijkbaar een keer bij een jubileum heeft laten maken. Het schildje van DOSAST en de jaartallen 1951-1961 zijn erop gedrukt. Hij heeft een foto voor me gemaakt.

18 november 2007

Terug in de tijd - DOSAST

In het kader van werk in uitvoering hier mijn concept-artikel over DOSAST, een Haagse amateurgroep die jaren terug al zachtjes in slaap is gevallen. T.z.t. wordt dit artikel in Haghespel geplaatst. Ook denk ik er over het in Theaterwiki te plaatsen.
Waarom DOSAST? Ik heb maanden terug een oproep in Haghespel geplaatst en daar enkele reacties op gehad, onder andere van Gerard Rotteveel, een vriend van me, die in DOSAST had gespeeld en zei er nog wel wat van te weten.
Verdere reacties zijn natuurlijk altijd welkom.

DOSAST (DOor SAmenwerking STerk)

DOSAST heeft ruim 40 jaar bestaan. De groep, opgericht op 27 juli 1951, beleefde in 1993 zijn laatste voorstelling.
Het was een amateurgroep die als zoveel groepen twee stukken per jaar speelde, onder één regisseur. Harry de Jong was niet alleen de oprichter van de groep, maar ook de vaste regisseur en voorzitter van het bestuur.
Harry Heidt was altijd de inspeciënt en verzorgde ook bij elke voorstelling de techniek. De voorstellingen waren vrijwel altijd in het Congresgebouw. Soms was er dan een nazit in De Poort, maar daar zijn nooit voorstellingen geweest. De laatste jaren waren de voorstellingen in verzorgingstehuizen of in de aula van het VCL of in De Haard, het wijkgebouw in de Copernicusstraat. De groep heeft ook diverse malen aan de CHAT-competitie deelgenomen en daar onder andere met de regie van Harry hoge ogen gegooid. Hij zat ook in het bestuur van de CHAT.
De spelers zijn uitgezwermd naar andere verenigingen. Anneke Plus, nu al jaren spelend bij De Gezellen, begon bij DOSAST. Gerard Rotteveel, in 1983 via Dindua bij DOSAST gekomen, ging in 1994 naar Inter Nos en speelt nu bij Operettevereniging ODES. Arthur Lutterman, nu spelend bij TVO, is ook een oud-DOSAST speler.
Verschillende spelers van DOSAST, waaronder Frans en Loes Bleijenga, richtten in 1983 toneelgroep Venster op.

DOSAST is nooit officieel opgeheven. Harry de Jong overleed rond 2000.

Gespeelde stukken (niet volledig)
‘Een bruid in de morgen’ van Hugo Claus (november 1979)
‘Liefde is geen speelgoed’ van Willem van Boxtel (november 1980)
‘Ik zie, ik zie wat jij niet ziet’ van Noël Coward (april 1983)
‘My fair Lady’ van Pygmalion (december 1984)
‘Eigen haard is goud waard’ van J. Hemmink-Kamp (april 1985)
‘De kinderen van Eduard’ van Marc-Gilbert Sauvajon (april 1986)
‘Getrouwd of niet’ van Ephraim Kishon (maart 1989)
‘En krijgen is de kunst van Peter Coke (november 1989)
‘Miranda’ van Peter Blackmore (oktober 1991) voor het 40-jarig bestaan
‘Bloemen voor Barbara’ van Dick van Maasland (oktober 1992)

4 september 2006

Twee nieuwe boeken

Hoe kon ik hem vergeten: Jan van der Mast, Mijn Hamlet! Ik heb hem zelf nog besproken in Haghespieghel.
Het uitermate grappige verhaal over de Delftse amateurtoneelgroep die voor een jubileum zich inlaat met de Poolse regisseur Malinowski. Deze wil Hamlet met de groep gaan spelen en voor de rol van Hamlet mag de kleinzoon van één van de leden zich gaan klaarmaken. Hoe een vrijblijvende hobby als toneelspelen kan uitmonden in een tragedie.

Verder las ik in een heel oude Haghespel in een column van Jim Keulemans over Harry Mulisch: De Hoogste Tijd, hetgeen blijkbaar ook over een amateurtoneelgroep gaat die Maria Stuart van Schiller instudeert.

13 maart 2004

Ztzoy

Ztzoy uit Zutphen.
Hoe spreek je dat nou uit? Denk dat ze er zelf ook problemen mee hebben.
Was in ieder geval een mooie voorstelling.
Wie was Medea en waarom heeft iedereen zo de pest aan haar?
De voorstelling was de Medea van Euripides in de vertaling van Pé Hawinkels. Deze vertaling werd binnen een hedendaagse raamvertelling geplaatst die qua stijl losjes gebaseerd is op de Medea-monoloog van Dario Fo.
Ik heb er nog een recensie van gemaakt, in het kader van 10 tot 10, de cultuurmanifestatie van het CvA en het cultuurpunt, blijkt dat ze erin gezet zijn door de organisatie :-) Els van het CvA wist er ook al niets van. Ja, goed gedaan hoor.

17 oktober 2003

Open Podium in De Poort

Open Podium in de Poort.
Een cabaret avond, van de zes artiesten waren vijf cabaretiers. En er was een dichter, reuze interessant, ahum.
Niet mijn avond, moest wel een verslag schrijven en foto's maken, heb ik gedaan, geen probleem. Maar ik heb betere avonden beleefd bij het Open Podium.
Cabaretiers: John Brukx, Cristian Pielich, Jeroen Pater, Hilde ter Laak, Norma de Jong.
Dichter: Adriaan Gaillard.

4 juli 2003

Twee culturele gebeurtenissen

Twee culturele gebeurtenissen! Heel verschillend.
Gisteravond de voorstelling van Dogtroep in Leidse Rijn gezien en ik heb genoten. Heel wonderlijk om te zien dat een theatergroep van een ogenschijnlijk kale vlakte een geweldige voorstelling kan maken die het bekijken waard is. Technisch gezien een hoogstandje. Wat was het? De oorsprong, de geschiedenis, zoals een Romein die er tussendoor sprong, een indiaan, een meisje in het roze, een piloot die uit de grond kwam. Alles kwam uit de grond. Tot grote vreugde van heel LIA waren er ook karretjes!!! Onze oorsprong kwam ook naar voren!

En dan vanavond: TVO met 'Dwazen' van Neil Simon. Een goede schrijver met een leuk stuk over een dorp in de Oekraïne dat zucht onder een vloek waardoor alle inwoners dom zijn. De vloek kan op twee manieren opgeheven worden: of de dochter van de dokter trouwt met de graaf of zij wordt slim binnen 24 uur. Een onderwijzer die langs komt wordt prompt verliefd op de dochter en met een slim plan lost hij de vloek op.
Ik heb me vreselijk zitten ergeren aan publiek dat te laat binnenkwam en uit de zaal liep tijdens de voorstelling, dat in de eerste plaats. Bovendien werd ik vreselijk slaperig door de warmte, maar de voorstelling was erg leuk. Best wel goed gedaan door TVO, dat toch beter wordt. Vis Comica en Inter Nos waren allebei slechter dan deze groep die een aantal veelbelovende nieuwe leden heeft. Het decor was overigens goed, maar dat is altijd met Maarten Toxopeus.

23 juni 2003

Theaternacht Naaldwijk

Zaterdag 21 juni: Theaternacht Naaldwijk. Veel cabaret, veel muziek. Veel wel aardig, maar ook hele goeie ertussen. Topper van de nacht was voor mij Alex Agnew. Belgische engelsman, of engelse Belg, whatever. In ieder geval ontzettend grappig. Grof in de mond, veel ontzettend goeie geluidseffecten, en veel lol. Hij had de jury- en de publieksprijs gewonnen van het Leidse cabaretfestival. Ik weet niet of het verdiend was, want ik ken de rest niet, maar deze jongen was werkelijk geweldig.
Ook leuke muziek: High Five, een blazersensemble, hele aardige muziek. De Tunes, drie koppig gezelschap uit Rotterdam met een gitaar, een accordeon en een cello (zo'n hele grote staande gitaar) en ontzettend leuke liedjes. Er schijnt dus in Rotterdam een cabaretrestaurant Schellinx te zijn en daar spelen ze.

20 juni 2003

Vis Comica

Het is cultuur. Vooruit maar. Ben vanavond naar Vis Comica geweest. Het was niet goed, om het op zijn zachtst te zeggen. 'Goossen en Moossen in dozen' van Nico Edelenbosch, het was een beetje oubollig stuk, maar had best leuk kunnen zijn. Het was het niet. Ik heb geen ene keer gelachen. De ene speler was nog slechter dan de andere, er zat geen timing in, er zat geen tekstkennis in, het was eigenlijk niks en dan ga ik nog de recensie schrijven ook.
Zucht......